Ambassadeurs EU toch niet naar Iran
Door onze correspondent BEN VAN DER VELDEN
BRUSSEL, 1 MEI. Als voorzitter van de Europese Unie heeft minister Van
Mierlo gisteren de ministers van Buitenlandse Zaken opgeroepen tot nader
order toch geen ambassadeurs naar Teheran terug te sturen.  Van Mierlo
zei dit nadat het Iraanse leiderschap had laten weten geen prijs te
stellen op terugkeer van de Duitse en Deense ambassadeur. Daarmee kwam
gisteren alweer een eind aan de dinsdag moeizaam bereikte eensgezinde
positie van de Europese ministers van Buitenlandse Zaken tegenover Iran.
Dinsdag besloten de EU-ministers juist hun ambassadeurs wel naar Iran te
laten terugkeren. Dezen waren drie weken eerder voor overleg naar de
Europese hoofdsteden teruggeroepen in reactie op de uitspraak van een 
Duitse rechtbank, die het leiderschap in Teheran verantwoordelijk stelde
voor de moorden op vier Iraanse Koerden in Berlijn in 1992.
De Italiaanse ambassadeur was dinsdagavond meteen al naar Teheran
teruggekeerd, nog voor de Iraanse reactie bekend werd. De Franse
ambassadeur was onderweg richting Iran; hij wacht in Dubai op
instructies. De Nederlandse ambassadeur, die dinsdag klaar stond om naar
Teheran te vertrekken, heeft zijn koffers in Nederland weer uitgepakt.
Van Mierlo besloot gisteren om terug te komen van het eerdere besluit om
de Europese ambassadeurs naar Iran te laten vertrekken, nadat Duitsland
had gemeld dat de Duitse ambassadeur in Teheran niet welkom bleek te
zijn. De Iraanse autoriteiten hebben dit aan de Duitse zaakgelastigde in
Teheran gemeld. Zij hebben gisteren ook laten weten dat ze voorlopig de
Deense ambassadeur niet terug willen zien.
Van Mierlo heeft de Iraanse zaakgelastigde in Den Haag vandaag op zijn
ministerie ontboden om uitleg te krijgen over de Iraanse opstelling. Hij
wil de Iraanse diplomaat duidelijk maken dat de politiek van de Europese
Unie ten opzichte van Iran gesteund wordt door alle EU-lidstaten en dat
de EU niet zal aanvaarden dat Iran arbitraire maatregelen neemt tegen
enkele lidstaten wegens een beleid dat door alle EU-landen wordt
gesteund.
Overeenstemming over een eensgezind beleid ten opzichte van Iran kwam
dinsdag slechts tot stand nadat was afgezien van harde maatregelen die
commercieuml;le belangen van Europese landen in gevaar zouden kunnen
brengen. Na de uitspraak in het zogeheten Mykonosproces besloten de
EU-lidstaten uit solidariteit met Duitsland hun ambassadeurs terug te
roepen. Dinsdag kwamen de ministers van Buitenlandse Zaken overeen dat
de ambassadeurs toch weer naar Iran konden terugkeren.
Maar zij besloten de kritische dialoog met Iran, die gaat  over zaken
als terrorisme, rechten van de mens en nucleaire en chemische wapens
voorlopig op te schorten. Bovendien kondigden zij aan dat er geen
officieuml;le ministeri&euml;le bezoeken over en weer meer zouden
plaatshebben. Die maatregel bood volgens sommige EU-lidstaten echter de
mogelijkheid om werk- en priveacute;-bezoeken van Iraanse en Europese
ministers over en weer gewoon door te laten gaan.
Iran reageerde op het EU-besluit met de mededeling dat sommige Europese
ambassadeurs voorlopig niet welkom zijn in Teheran. Met name werden de
Duitse en Deense ambassadeur genoemd. Denemarken heeft dinsdag gepleit
voor harde sancties tegen Iran. Tot zover onze correspondent.
De Iraanse president Rafsanjani verweet de ministers van de EU gisteren
,,kinderachtige spelletjes''. Volgens hem kan er van opschorting van de
kritische dialoog geen sprake zijn, omdat Iran deze dialoog allang heeft
afgebroken. Iran wenst volgens hem in het geheel geen kritische dialoog
meer. ,,Zij (de EU-landen) hebben een klimaat van chantage en propaganda
geschapen tegen Iran en als koppige kinderen gereageerd'', aldus
Rafsanjani. ,,Na al deze chantage'' zijn de EU-landen ,,zich gaan
schamen, en hebben ze alles teruggedraaid, wat de werkelijke macht van
Iran bewijst''.
Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft Iran gisteren
opnieuw aangeduid als voornaamste sponsor van internationaal terrorisme
in 1996. Volgens het jaarlijks uitkomende rapport 'Patronen van
wereldterrorisme'  was Iran in dat jaar ,,betrokken bij het beramen en
uitvoeren van terroristische acties door zijn eigen agenten en anderen,
zoals het Libanese Hezbollah, en is het bekende terroristische groepen
blijven financieren en opleiden''. Volgens een woordvoerder van het
State Department heeft Iran sinds 1990 meer dan 50 dissidenten in het
buitenland laten vermoorden. Iran staat al jarenlang op de Amerikaanse
lijst van steunpilaren van internationaal terrorisme. Daarop staat het
gezelschap van zes andere landen: Noord-Korea, Cuba, Syrieuml;, Soedan,
Libieuml; en Irak. (Reuter, AFP)
