


Naar Zaiuml;re?





DE AFGELOPEN 24 uur is er enig zicht ontstaan op hulpverlening aan de
vele tienduizenden vluchtelingen in Oost-Zaiuml;re. President Clinton
heeft ,,in beginsel'' Amerikaanse troepen toegezegd, maar maakt een
voorbehoud zolang nog geen helderheid bestaat over het
Veiligheidsraadmandaat waaronder zal worden geiuml;ntervenieerd. Toch
is er al enige duidelijkheid daaromtrent: het zal gaan om een
multinationale vredesmacht onder Canadees bevel die volgens Amerikaanse
woordvoerders niet tot ontwapening van milities en tot het onder beheer
nemen van kampen zal overgaan. De Amerikanen zouden rondom Goma de
logistieke verzorging van de operatie voor hun rekening nemen.
Particuliere hulporganisaties en de VN-vluchtelingenorganisatie dienen
voor de distributie van de hulpgoederen te zorgen.


Er lijkt in ieder geval eacute;&eacute;n obstakel uit de weg geruimd.
De afgelopen weken was Frankrijk de drijvende kracht achter pogingen een
vredesmacht in Zaiuml;re op de been te brengen. Maar op grond van hun
ervaringen met de Fransen twee jaar geleden weigerden de Rwandese
regering en de Tutsi's van Oost-Zaiuml;re Franse troepen toe te laten.
Frankrijk wordt verdacht van politiek bepaalde sympathie voor de
Hutu-milities - die de massamoorden van 1994 op hun geweten hebben. Het
compromis lijkt nu om het meest francofone land van het westelijk
halfrond met de leiding te belasten. Parijs heeft (tijdelijk?) zijn
argwaan ten aanzien van geheime Angelsaksische agenda's in Afrika
overwonnen.

 




TOCH BLIJFT de situatie op de grond zo mogelijk nog ingewikkelder en
riskanter dan destijds in Bosnieuml;. In Goma staan de zegevierende
Zaiuml;rese Tutsi-rebellen tegenover Hutu-milities die zich in het
naburige vluchtelingenkamp hebben ingegraven. Hoe in een dergelijke
situatie de hulp op gang moet worden gebracht aan de mensen in het kamp
en aan de tienduizenden die het westelijk van Goma gelegen berggebied
zijn ingevlucht, blijft vooralsnog een raadsel.

Het is onder de gegeven omstandigheden begrijpelijk dat het Nederlandse
kabinet blijft aarzelen zich te binden aan deelneming. Aan een van de
voorwaarden is weliswaar voldaan - de Verenigde Staten doen mee. Maar de
Amerikanen zullen,  onder een eigen bevelhebber, op armlengte van de
anderen opereren. Voor Den Haag - dat zich terecht, nog meer dan in het
verleden, zorgen maakt over de veiligheid van de Nederlandse militairen
in een onoverzichtelijke situatie - is dat geen aanmoediging. Het
Nederlandse contingent is, eenmaal uitgezonden, per definitie
afhankelijk van de steun van andere landen. Het trauma van Srebrenica
over het uitblijven daarvan is begrijpelijkerwijs nog niet overwonnen.











