


Bellen blazen





HET ENE RECORD na het andere sneuvelt op de internationale
effectenbeurzen. Symbolische grenzen, ronde getallen die tot voor kort
beschouwd werden als niveaus die in de verre toekomst genomen zouden
worden, zijn als gemakkelijke barriegrave;res gepasseerd. De Dow Jones
(New York) is door de achtduizend gebroken, de DAX (Frankfurt) door de
vierduizend, de  CAC (Parijs) door de drieduizend, de Footsie (Londen) staat teg
en de
vijfduizend en de Amsterdamse  AEX- index bevindt zich ruim boven de
negenhonderd punten op weg naar de duizend.



Niet alleen de niveaus zijn adembenemend, ook de snelheid waarmee die
bereikt zijn. Wie herinnert zich nog de beurskrach van tien jaar geleden
19 oktober 1987: toen kelderde de Dow Jones-index met 508 punten naar
1738. Gemeten vanaf die 'zwarte maandag' is de koerswaarde op Wall
Street vierenhalf keer gestegen en op de Amsterdamse beurs zelfs
verzesvoudigd. De Amsterdamse beurs is sinds eind 1995 in koers
verdubbeld, de New-Yorkse beurs sinds begin 1995.

De financieuml;le uitbundigheid beperkt zich niet tot de gevestigde
effectenbeurzen. Van Brazilieuml; tot Rusland, van beginnende
Afrikaanse markten tot de hoogontwikkelde beurs van Hongkong worden
reusachtige koerswinsten geboekt. Het was dit half jaar een kunst om
geld te beleggen in een land of in een beursfonds waarvan de koersen
daalden.





ONDERNEMINGEN kunnen dankzij hoge aandelenkoersen goedkoop geld
aantrekken voor investeringen, beleggers zien hun portefeuille in waarde
stijgen. Aangezien steeds meer mensen via hun pensioenfondsen of
lijfrentes indirect aandeelhouders zijn geworden, gaat van de
beursrecords een breed welvaartseffect uit. De grote institutionele
beleggers - pensioenfondsen, levensverzekeraars - beschikken dankzij de
pensioenvoorzieningen van de babyboomers over enorme liquiditeiten. Ten
behoeve van hun polishouders incasseren ze de koerswinsten.


Daarnaast zijn er steeds meer particulieren die voor eigen rekening hun
spaargeld beleggen. Al dan niet gebruikmakend van de overwaarde van het
eigen huis - want ook de huizenprijzen zijn explosief aan het stijgen -
storten particulieren zich op nieuwe bedrijven die naar de beurs gaan,
op high tech-ondernemingen, opties, clickfondsen en andere variaties op
de weg naar het Dagobert-gevoel.


Aan deze spectaculaire 'bull market', de nu al anderhalf jaar
voortrazende koersstijgingen die slechts parallellen hebben in de jaren
twintig en in het einde van de vorige eeuw, ligt een aantal fundamentele
economische verschuivingen ten grondslag. De Amerikaanse economie, nog
altijd de motor van de wereldeconomie, bevindt zich in haar zesde jaar
van economische expansie, zonder signalen van oververhitting of van
inflatiedruk. Dat komt niet alleen omdat de sterke dollar de Amerikaanse
rente op een laag niveau houdt en de Amerikaanse ondernemingen
grootscheepse herstructureringen achter de rug hebben, maar ook door de
flexibiliteit van de Amerikaanse arbeidsmarkt en vooral door de
permanente revolutie in de elektronica. Zolang computers steeds meer
kunnen voor steeds minder geld, stijgt de productiviteit in de industrie
en de dienstensector.





IN EUROPA is nog een andere aanjager van de beurskoersen werkzaam.
Onder aanvoering van de Bundesbank houden de centrale banken de rente
laag. De continentale economieeuml;n sukkelen nog steeds met hun groei,
zoals ook blijkt uit de recordniveaus van de werkloosheid die
gelijktijdig met de beurshausse optreden in sommige landen. Met dit
beleid leveren de centrale banken hun bijdrage om de Economische en
Monetaire Unie te laten slagen. De lage rente moet de economieeuml;n
stimuleren en draagt bij tot een beperking van de rentelasten op
overheidstekorten. De verwachting dat de euro een brede, zachte munt zal
worden, heeft bovendien de koersen van de Europese valuta in de
afgelopen maanden gedrukt. Het gevolg van dit alles is de overvloedige
beschikbaarheid van goedkoop geld.


Voor Nederland kan zelfs volgehouden worden dat de centrale bank zonder
de Europese monetaire samenwerking de rente allang zou hebben verhoogd.
De koppeling van de gulden aan de D-mark staat al een tijdje haaks op
het faseverschil in de Nederlandse en Duitse economische conjunctuur. De
Nederlandse rente is, gezien de tekenen van oververhitting, eigenlijk te
laag. Dit is mede een verklaring waarom in Nederland de stijgingen van
de huizen- en aandelenprijzen noacute;g forser zijn geweest dan die in
omringende Europese landen.





DE BELANGRIJKSTE reden voor de wereldwijde sterke beurzen ligt in het
geloof dat de periode van duurzame groei zal aanhouden. Overheden zijn
overal in de wereld hard op weg om hun ontsparingen - in de vorm van
begrotingstekorten - weg te werken. Naarmate overheden een minder groot
beroep doen op de kapitaalmarkten en belastingen kunnen dalen, is er
meer geld beschikbaar voor andere vormen van beleggingen. Dat is goed
nieuws, niet zozeer wegens de vluchtige euforie van de effectenbeurzen,
want die kunnen ook weer in koers zakken. Maar omdat de combinatie van
lage lasten, lage inflatie en lage rente het beste fundament vormt voor
investeringen, groei van werkgelegenheid en consumptie. En daarvan
profiteert uiteindelijk iedereen.












