


Verdeeld naar de top





DE FRANS-DUITSE ontmoeting in de provinciestad Poitiers heeft geen
oplossing gebracht. Het ongemakkelijke gezelschap van kanselier Kohl en
zijn minister van Financieuml;n Waigel en van president Chirac en
premier Jospin is er niet in geslaagd om overeenstemming te bereiken
over aanpassingen van het stabiliteitspact. De beide Duitsers zijn
verzwakt door het gesneuvelde plan om de goudreserves van de Bundesbank
in te zetten voor het financieringstekort, aan Franse kant is Chirac de
politieke verliezer en is Jospin de onverwachte winnaar van de
'tussentijdse' Franse parlementsverkiezingen.


Het stabilliteitspact is bedoeld om begrotingsdiscipline te garanderen
na de invoering van de euro. Het staat haaks op de verkiezingsbelofte
van de Franse socialisten om met een soepel begrotingsbeleid de
nationale werkloosheid te bestrijden.

Deze week kondigde de nieuwe Franse regering van socialisten, groenen en
communisten aan het stabiliteitspact te willen herzien. Maar als zou
worden toegestaan om extra geld uit te geven voor de bestrijding van de
werkloosheid, zou er van de beoogde werking van het pact geen spaan meer
overblijven. De Duitsers hebben dat in Poitiers aan hun Franse
gesprekspartners duidelijk gemaakt. Duitsland wil het pact niet
openbreken en is hooguit bereid tot een uitgebreider hoofdstuk over
werkgelegenheid in de tekst van het verdrag van Amsterdam.

De Fransen moeten het hoog spelen. Nadat Jospin en zijn politieke
vrienden, enigzins tot hun eigen verrassing, de vervroegde verkiezingen
wonnen, konden ze onmogelijk twee weken later hun verkiezingsbeloften
over versoepeling van de Economische en Monetaire Unie negeren. Ze
moesten dus wel ophef maken, al was het alleen maar wegens hun
geloofwaardigheid.

ACHTER DE RUZIEover het stabiliteitspact gaat ook een diepgaand
meningsverschil schuil. Zich baserend op artikel 103 van het Verdrag van
Maastricht koestert Frankrijk zijn wensen van een 'gouvernement
eacute;conomique', ofwel een Europees geco&ouml;rdineerd
stimuleringsbeleid en politieke sturing van het wisselkoersbeleid van de
komende Europese centrale bank. Daar willen de Duitsers absoluut niet
aan omdat ze vrezen dat zij hiervoor financieel moeten opdraaien en dat
dit de hardheid van de toekomstige euro zal aantasten. Alles draait om
de vraag of de euro een voortzetting wordt van de traditie van de D-mark
of van de oude traditie van de Franse franc, voordat Frankrijk koos voor
de franc fort.

In Poitiers heeft geen van beide partijen toegegeven. Frankrijk en
Duitsland trekken nu verdeeld naar Amsterdam. En ook al zou daar wel een
diplomatieke formulering worden gevonden om de standpunten te
overbruggen, daarmee is het fundamentele meningsverschil over wat
financieuml;le en economische politiek vermag, niet uit de wereld
geholpen.










