


Verstandig ouderschap





HET IS STRIJDIG met goed ouderschap om alleen een kind te willen als het
een jongetje is of andere eigenschappen wel of niet heeft. Dat zei
minister Borst (Volksgezondheid) eerder dit jaar naar aanleiding van een
tv-programma over abortus. Toch weigerde zij om
zwangerschapsonderbreking wegens het niet gewenste geslacht van het kind
categorisch uit te sluiten. Deze uitspraak viel de bewindsvrouw naar
eigen zeggen niet makkelijk. Maar zij kon niet uitsluiten dat met name
buitenlandse vrouwen die een meisje - en niet de gewenste stamhouder -
verwachten, komen te verkeren in een individuele noodsituatie, zoals het
wettelijke criterium voor abortus luidt.
Met dit standpunt valt moeilijk te rijmen dat minister Borst nu wel defintief ee
n streep wil zetten
onder de zogeheten gender-kliniek, die zich bezig houdt met positieve
geslachtskeuze. Ook het klonen komt in aanmerking voor een verbod. In
beide gevallen kan dit rekenen op instemming van de Tweede Kamer, zo
bleek deze week bij de behandeling van een wet op bijzondere medische
verichtingen. Deze wet maakt het de regering mogelijk een moratorium af
te kondigen voor bepaalde behandelingen - en onderzoeken - of ze zelfs
geheel te verbieden op grond van maatschappelijke, ethische of
juridische bezwaren. Deze mogelijkheid van interventie voor de overheid
is nieuw en behelst een fundamentele wijziging van het beleid ten
aanzien van het professionele medische handelen, signaleerde de
gezondheidsjurist Leenen aan de vooravond van het Kamerdebat. De
overheid begeeft zich op een zeer gevoelig terrein. Grote gebieden van
de geneeskunst komen in principe onder bereik van een staatsexamen.
Daardoor kunnen de ontwikkeling van wetenschap en hulpverlening
gemakkelijk in de knel komen, al was het alleen omdat de arts zich
angstvallig aan het wettelijk recept houdt.

IN EEN OPINIEPEILING bleek vorig jaar een ruime meerderheid tegen
technische selectie van kinderen. Daar zijn ook allerlei bedenkingen
tegen in te brengen. Behalve mogelijke demografische verschuivingen of
ongelijkheid tussen man en vrouw zijn tegenargumenten te ontlenen aan
het belang van het kind, het gevaar van een hellend vlak, sociale
pressie en wat mevrouw Borst noemt het ,,instrumentele karakter van
geslachtskeuze''. Dit zijn tegelijk overwegingen waarover in een
pluriforme samenleving redelijke mensen van mening kunnen en mogen
verschillen. Minister Borst heeft al gezegd vooralsog niet te verwachten
dat van de mogelijkheid van geslachtskeuze overmatig gebruik zal worden
gemaakt. De regering erkent in het algemeen dat het niet mogelijk is
heldere criteria te geven voor het antwoord op de vraag wanneer een
medische verrichting maatschappelijk of ethisch ongewenst is.

Dit wil niet zeggen dat de wetgever geen eisen mag stellen met
betrekking tot kwaliteit en beschikbaarheid van bijzondere
behandelingen. En zeker kan niet worden verwacht dat de kosten worden
vergoed. Maar het opleggen van een bepaalde ethische opvatting aan
hulpverleners en patieuml;nten behoort de uiterste noodgreep te
blijven. Een categorisch verbod is overhaast. 










