


Lake's terugtocht





ANTHONY LAKE, Clintons kandidaat voor de CIA, heeft zich teruggetrokken.
Hij heeft de president laten weten niet van zins te zijn de komende
maanden als een beer in het circus te dansen. Lake doelde op de
ondervraging door Richard Shelby, voorzitter van de Senaatscommissie
voor de inlichtingendiensten, die een steeds naargeestiger wending
dreigde te nemen. De commissie moest de voltallige Senaat adviseren over
de kandidatuur van Lake. Vooral het feit dat Shelby het ruwe materiaal
uit het FBI-dossier over Lake aan zijn onderzoek dienstbaar wilde maken,
zette kwaad bloed. Dat materiaal is namelijk niet gezuiverd van roddel
en achterklap.


Het was niet de eerste keer dat een kandidaat voor een hoge post Clinton
in de steek liet. Begin 1994 trok admiraal Inman zich terug als
kandidaat-minister van Defensie omdat de pers een samenzwering tegen hem
zou hebben gesmeed. Hij wenste zichzelf en zijn gezin niet langer bloot
te stellen aan wat hij kwaadsprekerij achtte.

De Amerikaanse politiek is geen arbeidsterrein voor mensen met een dunne
huid. Bij het onderzoek naar de achtergronden van een kandidaat voor een
hoge post in de regering wordt de vuile was desgewenst buiten gehangen.
De politieke verhoudingen spelen daarbij een belangrijke rol. De
Republikeinse meerderheid in de Senaat zou de benoeming van Lake
uiteindelijk vermoedelijk wel hebben aanvaard, maar de man toonde zich
voldoende kwetsbaar om hem het vuur na aan de schenen te leggen. De kans
het Witte Huis in de hoek te drijven heeft de Republikeinse recherche
zich niet willen ontzeggen. Tenslotte waren de beide andere kandidaten
in de zogenoemde veiligheidsdriehoek al zonder kleerscheuren door de
hoorzittingen gekomen: Albright op Buitenlandse Zaken en Cohen op
Defensie.

DE ONDERGANG van Lake is de eerste kras op het verbond dat de president
met de Republikeinse meerderheid in het Congres heeft gesloten. De
benoeming van de Republikein Cohen was Clintons opvallendste
verzoeningsgebaar tot dusver. Lake, met een erkende staat van dienst in
het inlichtingenwerk en een degelijke reputatie als Clintons eerste
adviseur op het terrein van de internationale veiligheid, leek de
aangewezen man om de CIA uit het slop te halen. Vooral het hoogverraad
vanaf 1985 van de voormalige topman Aldrich Ames dat verscheidene
dubbelagenten werkzaam in de Sovjet-Unie het leven heeft gekost, heeft
de dienst veel kwaad gedaan.

In zekere zin is president Clinton met de ondergang van de kandidatuur
van een van zijn vertrouwdste medewerkers zichzelf tegengekomen. De
affaire van de financiering van de presidentieuml;le campagne vorig
jaar heeft aanwijzingen opgeleverd van effectieve buitenlandse lobby's
op het hoogste niveau. Lake moest tijdens de hoorzittingen toegeven niet
op de hoogte te zijn geweest van waarschuwingen van de FBI aan zijn staf
over onder meer Chinese pogingen om met verkapte donaties aan de
Democratische campagne invloed te verwerven op de Amerikaanse
buitenlandse politiek. Die erkenning wekte niet alleen de indruk van
falende controle op medewerkers, maar ook van nonchalance in het Witte
Huis op het gevoelige terrein van Amerika's veiligheid.










