Prijsopdrijving  bouwgrond kost 2 miljard
Door onze redacteur FRANK VAN EMPEL 
DEN HAAG, 27 JUNI. Nieuwe woningen
in het Groene Hart tussen de vier grote steden kosten de gemeenschap
door speculatieve prijsopdrijving en schadeloosstelling van glastuinders
ruim 2 miljard gulden. Dit schrijft het economisch onderzoeksinstituut
NYFER.
De onderzoekers bekritiseren in het 290 pagina's tellende rapport Het
Groene Hart..., dat klopt niet! de Nederlandse grondpolitiek. De
wijziging begin dit jaar van de Wet voorkeursrecht gemeenten (WVG), die
gemeenten in staat moet stellen in een vroeg stadium benodigde gronden
te verwerven, wordt gekwalificeerd als ,,ontoereikend om speculatie
tegen te gaan''. Volgens de onderzoekers durven politici hun handen niet
meer te branden aan de grondpolitiek sinds het kabinet Den Uyl daar
twintig jaar geleden over viel.
In de Vierde Nota over de ruimtelijke ordening Extra (afgekort VINEX)
werd begin jaren negentig bepaald waar in de periode 1995-2005 zo'n
485.000 nieuwe woningen zouden worden gebouwd. Het grootste aantal werd
gepland rond de vier grote steden. Enorme speculatie was het gevolg. De
grondprijzen op de VINEX-locaties stegen in enkele jaren tijd tot een
veelvoud.
Meer dan de helft van de betreffende bouwgrond is momenteel in handen
van private partijen, die alleen bereid zijn de gronden aan de gemeenten
te verkopen als zij daarvoor een hoge vergoeding ontvangen. De gemeenten
kunnen hier weinig tegen doen. De Onteigeningswet bepaalt dat de
verkeerswaarde in het vrije ruilverkeer en niet de gebruikswaarde (als
landbouwgrond) maatgevend is voor het vaststellen van de prijs. NYFER
schat dat de prijsopdrijving van grond op VINEX-locaties de gemeenschap
1,5 miljard gulden kost. Ongerechtvaardigde winsten, die ontstaan
doordat het rijk de bestemming van landbouwgrond wijzigt in grond voor
woningbouw, kunnen volgens de onderzoekers niet worden afgeroomd.
,,Belastingbetalers, kopers van eigen woningen en huurders betalen de
rekening in de vorm van hogere collectieve uitgaven en hogere
woonlasten'', aldus NYFER. Als gevolg van speculatie worden bouwkavels
20 procent kleiner en woningen tienduizenden guldens duurder.
De ,,maatschappelijke verspilling'' wordt volgens de onderzoekers nog
vergroot doordat Westlandse glastuinders van hun grond moeten wijken en
in staat moeten worden gesteld ergens anders een nieuw bedrijf te
beginnen. Ook in Vleuten-De Meern moeten glastuinders verkassen. De
totale verkassingskosten worden door NYFER op 582 miljoen gulden
becijferd.
Volgens de onderzoekers is er alle aanleiding het grondbeleid opnieuw op
de politieke agenda te plaatsen. Het ontwikkelen van een belangrijke
woningbouwlocatie in het Groene Hart is volgens NYFER ,,veel goedkoper
dan het ontwikkelen van locaties aan de rand van de stadsgewesten''. Een
andere optie is het alsnog aanleggen van de Markerwaard. Ruwe bouwgrond
zou daar 5,44 gulden per vierkante meter kosten, tegen 40  60 gulden in
Wateringse Veld, waar nu woningen zijn gepland.
Grasland in het Groene Hart zou volgens de onderzoekers kunnen worden
opgeofferd ten bate van woningen, natuur en sfeervolle landschappen. De
onderzoekers doen een aanval op de landbouw, die de gemeenschap
anderhalf keer zoveel aan subsidies zou kosten dan hij aan inkomen
oplevert.
Wel verwacht 58 procent van de huiseigenaren dat potentieuml;le kopers
als gevolg van meer groen in de buurt meer voor hun woning zullen willen
betalen. Iets meer dan 50 procent zou bereid zijn daarvoor meer te
betalen. Jongeren, vrouwen en gezinnen met kinderen willen voor groen
betalen.
